Het belang van verlaten plekken

We blijven bouwen en steden uitbreiden, groeien, groter en nog groter. Logisch, want de vraag naar woningen is enorm. Maar moet alles altijd plat wanneer er nieuw gebouwd word? Of ligt er juist een uitdaging in het behouden van de originele omgeving en deze schoonheid mee te nemen in de nieuwe plannen? Ikzelf zie vooral een meerwaarde in deze schoonheid van verlaten plekken en vertel je graag waarom.

Je kent het misschien wel dat je tijdens het wandelen of tijdens een vakantie op een verlaten plek komt. Een kasteel dat er vervallen en verlaten uitziet, een oud pretpark waar al jaren geen gebruik van is gemaakt of misschien zelfs een ziekenhuis waar, nadat het bijvoorbeeld failliet is gegaan, niet meer naar omgekeken is. Waarschijnlijk bekruipt je een nieuwsgierig gevoel en voel je de spanning stijgen, wat zal er binnen te zien zijn? Zal ik een kijkje nemen? Wat zal ik daar aantreffen, welk verhaal word mij verteld als ik door de gangen dwaal? Hebben mensen hun hele hebben en houden achtergelaten of is het gebouw leeg en heeft de natuur het overgenomen?

Het opzoek gaan naar deze verlaten plekken is voor sommige mensen een ware hobby geworden en heeft dus ook een naam gekregen: Urbex (Urban exploring). Urbex is het bezoeken, fotograferen en documenteren van infrastructuur gemaakt door de mens, meestal verlaten gebouwen of niet openbaar toegankelijke locaties. De term werd omstreeks 1990 bedacht door de Canadese explorer Jeff Chapman, ook gekend als Ninjalicious, die met het tijdschrift Infiltration en de website infiltration.org gestart was.

“Laat slechts voetstappen achter, neem slechts foto’s mee”

De meeste explorers zijn er slechts op uit om foto’s en/of video’s te maken van oude gebouwen, zowel van binnen als buiten. Sommigen plaatsen deze vervolgens op een website of beheren een collectie (zoals Henk van Rensbergen). Sommigen beoefenen ‘urban exploring’ vooral voor de opwinding vanwege het gevaarlijke en/of verboden karakter van plekken, bijvoorbeeld het beklimmen van hoge objecten als bruggen en communicatietorens (bron: Wikipedia). Daarnaast komen de ‘urbexlocaties’ ook steeds meer in trek bij fotografen als decor voor fotosessie, zoals bij bijvoorbeeld het Zeefgebouw op het Suikerterrein in Groningen.

Deze verlaten plekken, ademen dus mysterie en geschiedenis en zijn een belangrijk DNA voor een plek. Het heeft een attractiewaarde en is niet maakbaar. De bunkers in de vloeivelden van het Suikerunieterrein in Groningen zijn zo’n voorbeeld van een verlaten plek. Deze plek heeft een verhaal te vertellen door het feit dat het intact gehouden is en de natuur de heft in handen heeft genomen. Het laat je fantaseren over de herkomst en het verhaal en kan je enorm inspireren. Ik denk dus dat we altijd moeten zoeken naar aanknopingspunten om deze plekken te behouden en te combineren met een toekomstige leefomgeving. Het bestaande DNA oftewel de basis en de schoonheid van de plek ligt er al, waarom deze dan niet gebruiken?

Wil je hier meer over zien/lezen? Dan kan ik je de boeken van Henk van Rensbergen aanbevelen.